Drumtalent uit de Lage Landen op Eurosonic Noorderslag 2019
Het meest opvallende drumwerk vanuit Groningen
Muzieknieuws 22-01-2019 16:15
Het muzikale jaar wordt in Nederland traditioneel geopend met Eurosonic Noorderslag. Zo ook in 2019. Het team van Slagwerkkrant liep zo veel mogelijk podia in Groningen af om alle bijzondere drummers in de meest uiteenlopende genres aan het werk te kunnen zien.

tekst Kevin Pasman en Bouke Bijlsma
foto's Kevin Pasman en Dennis Boxem

 

EUROSONIC

foto: Kevin Pasman

Een van de drummers die zonder meer opvalt op Eurosonic is Jim Geurts van EUT. Niet alleen omdat hij fanatiek met alles meezingt – wat wel verraadt hoe sterk de zanglijnen van Eut in ritmisch opzicht zijn – maar ook omdat zijn krachtige, gedreven ritmes een belangrijk onderdeel zijn van hoe sterk de strakke set van het Amsterdamse vijftal overkomt. Wat ook opvalt, is dat hij ten opzichte van vorig jaar op Noorderslag een racktom aan zijn drumstel heeft toegevoegd. Plek was daar sowieso nog voor naast de Roland Sampling Pad. Zijn spel geeft de gitaarpop van Eut nog altijd een net wat stevigere ondergrond, maar ook de rest van de band klinkt gewoon erg goed bij elkaar. De volle Barn is dus meer dan terecht.

 

foto: Kevin Pasman

De Eurosonic Air-tent op de Grote Markt is inmiddels aardig gevuld als MICHELLE DAVID & THE GOSPEL SESSIONS aan hun set beginnen. David’s krachtige soulstem en sympathieke presentatie wordt gewaardeerd door het publiek, maar ook de vrij kale gospel van de band staat als een huis. Geen grote koren, maar swingende rootsy ritmes, waar drummer Bas Bouma wel raad mee weet. Het fundament van The Gospel Sessions is daarmee authentiek en solide. Voor een project dat als probeersel begonnen is, heeft The Gospel Sessions zich tot een opvallend sterke band ontwikkeld.

 

foto: Kevin Pasman

PIP BLOM doet het internationaal erg goed en daar zal het enthousiasme dat Blom en haar band live laten zien ongetwijfeld aan meegewerkt hebben. De grungy gitaarliedjes, maar dan met een over het algemeen wat positievere klank worden met een energie en een spelvreugde gebracht waar het publiek in de Kokomo snel in meegaat. Het volume staat alleen erg hoog, wat alleen nog maar benadrukt wordt door het drumwerk van Gini Cameron. Je zou het niet zeggen als je haar tengere lijf ziet, maar ze speelt ontiegelijk hard – vooral de bassdrums dreunen behoorlijk door – en soms met haar hele lichaam. Schijn kan bedriegen.

 

 foto: Kevin Pasman

Op de vrijdag mag Simon Segers twee keer op totaal verschillende kits spelen. Zijn drumstel bij DE BEREN GIEREN oogt nog wel als een vrij traditionele jazzkit, al verraden de contactmicrofoons en gitaareffecten dat er meer aan de hand is. Bij MDC III speelt hij echter op een kit zonder bekkens, maar mét koebellen en conservenblikken. MDC III moet het sowieso van de ritmes hebben, want op saxofonist en fluitist Mattias De Craene na bestaat de band uitsluitend uit drummers Segers en Lennert Jacobs. De melodieuze informatie in de muziek van MDC III is dus minimaal, maar dat wordt gecompenseerd door volledig kicken op ritmes die doen denken aan Al Foster ten tijde van On The Corner en Agharta, met een licht Afrikaanse inslag.
DE BEREN GIEREN lijkt oppervlakkig gezien meer op traditionele jazz, maar ook daar blijft de ongelooflijke klasse van Segers niet onopgemerkt. De ritmes zijn redelijk steady, maar intussen is Segers wel fanatiek met geluidsmanipulatie bezig om de dromerige sferen van de melodieën te benadrukken. Ook is het boeiend om te zien hoe Segers verandert als hij speelt. Zijn ogen zijn zelden open en hij lijkt volledig op gevoel te spelen. De boeiende en nooit te lange improvisaties verraden wel dat we hier met een muzikant van absolute topklasse te maken hebben.

 

foto: Kevin Pasman

Bij muziek die zo sfeervol en subtiel is als die van GOLD is de valkuil om te veel of te explosief te spelen groot. Igor Wouters trapt er echter niet in; als drummer in een rockband maakt hij opvallend weinig gebruik van zijn snare. Zijn handen zijn vooral op de toms bezig, waarmee de gitaren en de niet al te harde stem van Milena Eva de hoge frequenties goed opvullen. Wouters is zelf producer en dat is te horen in hoe hij drumt; hij behoudt het overzicht over de nummers en laat zich bijvoorbeeld alleen gaan op zijn bekkens als de climax van een nummer daar om vraagt. De duistere, melancholieke rock van Gold is geen makkelijke kost, maar zeker de moeite waard als je je mee kunt laten slepen op de sfeer.

 

Afgelopen jaar wist Willem van der Krabben op North Sea Jazz al te overtuigen bij JETT REBEL. Toen op een hybride kit en met een setlist vol popritmes en soulgrooves; nu op Eurosonic Air op een regulier drumstel en een behoorlijk stevige set. Jelte Tuinstra is dit keer namelijk met een powertrio op komen dagen, wat door de ritmische inslag van zijn slaggitaarwerk nadrukkelijk herinneringen aan de Jimi Hendrix Experience oproept. Van der Krabben is echter niet jazzy als Mitch Mitchell; in plaats daarvan realiseert hij zich dat dit soort bluesy, bij vlagen funky rockmuziek om een krachtige, stampende begeleiding vraagt en dat is precies wat hij laat horen. Hoewel hij nog niet zo lang bij Jett Rebel speelt, heeft hij inmiddels al een onverwoestbaar fundament gelegd met bassist Xander Vrienten.

 

 foto: Kevin Pasman

De prijs voor meest opvallende kit van Eurosonic Noorderslag gaat ongetwijfeld naar Sander Pelsmaekers van WHISPERING SONS. De combinatie van akoestische onderdelen en een sampler is niets nieuws, maar Pelsmaekers pakt het wel opvallend aan. Sowieso staat hij achter zijn drumstel; zitten is immers niet nodig als het kickgeluid uit de sampler of de floortom komt en je daardoor geen bassdrum hebt. Vier toms, twee crashbekkens en een snare is verder alles wat er staat. Het past fantastisch bij de duistere post-punk van het Brusselse vijftal. De partijen zitten daardoor vol spannende tomritmes, die weliswaar niet heel veel laag bevatten, maar dat was bij producties in de vroege jaren tachtig ook het geval. Er is echter meer dan alleen een opvallende drumkit. De nummers van Whispering Sons zijn sfeervol en krachtig in hun eenvoud. In combinatie met de mysterieuze presentatie van frontvrouw Fenne Kuppens – laat u zich niet misleiden door het diepe stemgeluid – zorgt dat voor een van de meest geslaagde optredens van het weekend.

 

 

NOORDERSLAG

foto: Kevin Pasman

Een van de meest enthousiaste drummers op Noorderslag is Jelle Huiberts. Zelfs zo enthousiast dat hij twee optredens doet. Eerst voelt hij bij KOVACS de donkere, abstractere ritmes van debuutalbum Shades Of Black even goed aan als het wat lichtere nieuwe werk. Later op de avond ruilt hij zijn samplepad in voor een racktom en mag hij JEANGU MACROOY’s bonte mix van stijlen begeleiden. Huiberts toont zich een ware allrounder, waarmee hij een uitstekende keuze is voor artiesten die zich niet per se aan één stijl willen binden. ZoalJells, inderdaad, Kovacs en Jeangu Macrooy.

 

foto: Kevin Pasman

Dat betekent niet dat RONDÉ-drummer Sharon Zarr onderdoet voor Huiberts. Hij lijkt zich de hele set uitstekend te vermaken en dat is belangrijk, want hoewel de popliedjes van de Utrechtse band vooral om de melodieën draaien, lopen de nummers zonder zijn swingende ritmes het risico om wat klinisch aan te doen. Het publiek lijkt er wel raad mee te weten; de grote zaal van de Oosterpoort staat goed vol en weet de pakkende muziek van Rondé te waarderen. Echt het soort band dat op festivals een heel veld aan het meezingen krijgt.

 

foto: Dennis Boxem

Rick van Wort zorgt voor strakke moderne dancegrooves bij de zoete NL-liedjes van NIELSON. Het optreden heeft ondanks het ontbreken van rap een onmiskenbare nederhopfeel; wel erg verzorgd en georkestreerd allemaal, met bijna voelbare regie-aanwijzingen bij de podiumpresentatie, maar stiekem ook retemuzikaal. De liedjes zijn eerder slim dan mooi, maar Nielson is wel gewoon een goede zanger en een echte muzikant. Opvallend zijn ook de sterke, harmonische achtergrondkoortjes. Van Wort tilt het geheel met zijn frisse energie en lekkere sound naar een hoger niveau en zorgt hier en daar voor wat welkome rafelige randjes.

 

foto: Dennis Boxem

Zeer overtuigend – en daarmee verrassing van de avond – is het optreden van Popprijswinnaar RONNIE FLEX. Voor wie nog twijfelde, Flex is gewoon een authentieke artiest, die lekker zingt en daarbij de veel besproken autotune inzet als doordacht geluidseffect. Kan ie zonder? Wat kan ons dat schelen. Zijn band is volledig aan, en drummer Eddy Addai is de man die je hebben moet voor dit soort diepgevoelde hiphopgrooves. Wat een felle power, en wat een variatie; Flex vindt dat duidelijk ook en zet hem regelmatig in het zonnetje; bij de intro’s bij de uitro’s en tussendoor.

 

foto: Dennis Boxem

Bo Koek is de opvallend fijne drummer bij SHEILA & THE KIT. Naast zangeres Suzanne Kipping speelt hij als producer en brein van de band de hoofdrol met zijn relaxt en smaakvol getimede grooves zonder opsmuk (theedoek over de snare en veel sounds uit de samplepad). De back to the eighties-pop van de formatie heeft een hoog feel good-gehalte die er goed in gaat in de Entreehal. Ook opvallend: wel twee toetsenisten maar geen bassist om de aanstekelijke grooves neer te zetten.

 

foto: Dennis Boxem

Jamie Peet steelt de show in de CBK-zaal, waar muziek met een jazzy invalshoek hoogtij viert namens NPO Radio 2 Soul & Jazz. Maar verwacht geen easy toegankelijkheid van de jazzdrummer tijdens zijn duo-optreden met toetsenist-producer NIELS BROOS. Peet grijpt de gedragen soundscapes van Broos aan om op zijn kleine kitje werkelijk alle kanten op te vliegen, en het publiek op het verkeerde been te zetten met omgedraaide beats, hinkstapgrooves en hakkelende hihatvariaties. Indrukwekkend!

 

foto: Kevin Pasman

Hoewel er veel Nederlands talent in de hardere genres zit, zijn hardrock, punk en metal nog altijd zwaar ondervertegenwoordigd op Noorderslag. Terwijl er wel publiek voor is; de bovenzaal staat voor aanvang van het optreden van hardcoreband Ploegendienst al helemaal vol, en iedereen die ook maar een beetje wat met metal heeft, is op de zaal afgekomen voor FOR I AM KING. En dat is terecht, want de Amsterdamse band overtuigt live als geen ander. De gitaren doen net wat anders dan bij de meeste andere moderne metalbands, vocaliste Alma Alizadeh is en sympathieke frontvrouw en Jaap Relou weet heel goed wanneer hij de muziek moet laten ademen. In tegenstelling tot veel andere drummers in het genre timmert hij niet elk kleine gaatje dicht en laat hij waar nodig alle ruimte aan de rest van de band. Niet dat hij niet snel spelen kán; de sporadische blastbeats klinken krachtig en zijn snelle fills voelen lekker vloeiend aan. Een uitstekende liveband en een aanwinst voor het Europese metalcircuit.

  

foto: Kevin Pasman

Geen drummer op Noorderslag slaat echter harder dan Olav van den Berg. Dat verwacht misschien niet iedereen die voor BENJAMIN HERMAN BUGHOUSE naar de CBK-zaal komt; die wordt immers gesponsord door NPO Radio 2 Soul & Jazz. Zo gek is het echter ook weer niet. Van den Berg heeft een nadrukkelijke punkgeschiedenis, met bands als Lärm, Seein’ Red en Marxbros; en dat is precies wat Herman van hem verlangt. Voor de leek kunnen hun nummers door de uiterst hoge snelheden en de abrupte eindes wat chaotisch overkomen, maar Van den Berg houdt de ritmische regie strak in handen. Op die stevige punkbasis kunnen Herman en gitarist Reinier Baas zich lekker jazzfusion-achtig uitleven. Bughouse levert wat verbaasde blikken op, maar voor een energieke show kun je op de band rekenen.

 

foto: Kevin Pasman

De liefhebbers van oudere Amerikaanse muziek konden eerder op de avond bij hetzelfde podium waarschijnlijk meer met THE DAWN BROTHERS. Het Rotterdamse kwartet met drummer Rafael Schwiddessen combineert de rauwe gitaarlicks van rootsrock met een fundament dat enigszins aan de Stax-albums met Booker T & The M.G.’s doet denken. De heren spelen lekker losjes en voelen elkaar uitstekend aan. Dat staat de heren toe om de nummers instrumentaal iets uitbundiger aan te pakken dan op hun onlangs verschenen album ‘Classic’, maar zelfs dan gaat het vooral om de ijzersterke nummers van de band. Schwiddessen drumt lekker relaxed en dringt zich nergens op, waar de muziek van The Dawn Brothers een heerlijk organisch gevoel van krijgt. Een aanrader.

 

foto: Kevin Pasman

Van het relatief onbekende talent op Noorderslag viel onder meer JASON WATERFALLS op. Op zich doet het Utrechtse kwartet niet veel nieuws, maar ze overtuigen behoorlijk met puntige gitaarliedjes die het midden houden tussen alternatieve rock en poppunk. Kirill Den Outer weet precies wat voor ritmes daarbij horen: hard, maar niet té hard. De band heeft duidelijk zijn best gedaan om de dynamiek tussen de stevige refreinen en de ietwat ingetogener coupletten zo effectief mogelijk te maken, en daar spelen de accenten van Den Outer een belangrijke rol in.

 

foto: Kevin Pasman

Net als een paar jaar geleden, toen ze nog Mandrake’s Monster heetten, weet TEN TIMES A MILLION flink wat publiek te winnen in de foyer bij de grote zaal. Hun sound is stevig, maar bestaat tegelijkertijd uit vrijwel gelijke delen pop en rock, wat goed overkomt op het passerende publiek, dat massaal blijft hangen. Spil in deze sound is drummer Mart Nijen Es. Hij is een powerhitter, maar slaat nooit hard om het hard slaan. Hij voelt goed aan wat de nummers nodig hebben en heeft een opvallend natuurlijk gevoel voor rockgrooves. Hoewel een band als Ten Times A Million het risico loopt om te pop voor het rockpubliek en vice versa te zijn, zou dat een belediging zijn voor de uitstekende, goed doordachte songs van het Twents-Duitse vijftal. Bovendien bewijst afsluiter Clown Face dat Ten Times A Million ook in staat is tot intense, spannende jams.