Verslag clinic Thomas Lang bij Drumland
Choptijger met geweldige timing, dynamiek, aanslag en klankcontrole
Slagwerkkrant Plus 02-05-2016 12:06
Op 14 april gaf Thomas Lang een clinic op het Slagwerkkrant Podium bij Drumland te Lijnden. Als de massaal toegestroomde drumliefhebbers hoopten te worden geïmponeerd door pure snelheid en onnavolgbare onafhankelijkheid, zullen zij zeker niet teleurgesteld naar huis zijn gegaan. Meteen vanaf het begin trekt Lang van leer met bloedsnelle patronen, doorspekt met dubbele bassdrums en vol verrassende wendingen. Opvallend is dat zijn spel weliswaar krachtig en overweldigend is, maar nooit zwaar of lomp; vooral zijn handen zijn onvoorstelbaar soepel en eigenlijk best lichtvoetig. Lang is een meester in over de set rollen; schijnbaar moeiteloos, en altijd met een ritmische verrassing. Dynamisch, met lichte, snelle rolls op de bekkens, en snelle, heel snelle snareroffels.

door Bouke Bijlsma

Wat hij ondertussen allemaal uitspookt met zijn voeten, gaat elk bevattingsvermogen te boven; niet alleen vanwege de snelheid en onafhankelijkheid. Ook de variatie, en de manier waarop hij alles schijnbaar moeiteloos beheerst en controleert. Behalve de bassdrums bespeelt hij met z’n pedalen ook een paar percussieklanken: een woodblock, een soort metalen plaat met rammelschroefjes, een koebel, en zelfs een kleine snaredrum!


Timing, dynamiek, aanslag en klankcontrole
Klinkt zo’n uitbarsting van Lang dan niet gewoon als een onafhankelijkheidsoefening op hoge snelheid? Ja, misschien wel, maar het is zó indrukwekkend, én muzikaal. Bovendien gebruikt Lang zijn bovenmenselijke onafhankelijkheid niet alleen om tegelijkertijd allerlei tegendraadse patronen te spelen; hij varieert per ledemaat ook in timing, dynamiek, aanslag en klankcontrole. En het groovet! Misschien niet met zo’n diepe feel als bijvoorbeeld pocketdrummers Bernard Purdie en Steve Jordan, maar die hebben ook echt een andere job en spelen andere gigs met een ander doel. Een ding staat vast: Thomas Lang speelt niet in dienst van het liedje. Nou ja… eigenlijk staan twee dingen vast: Thomas Lang speelt niet in dienst van het liedje, en niemand anders kan dit.

Aanpak
Ook opvallend is de prettige manier waarop de Oostenrijker tussen de speelmomenten communiceert met het publiek. Intelligent en grappig, met goede en heldere vergelijkingen. Echt spontaan, met leuke reacties op vragen uit de zaal, en zonder de vaste oneliners waar Amerikaanse clinicians nogal eens op terugvallen. Zo praat hij opvallend openhartig over zijn aanpak bij studeren en live spelen. En vertelt hij bijvoorbeeld hoe hij bij een drumclinic als deze toch wil voldoen aan de verwachtingen van een publiek dat chops wil zien; en dat dat soms best spannend kan zijn…

Spot on
Imposant is Lang’s demonstratie absolute tempokennis; volgens Lang een belangrijke en redelijk makkelijk aan te leren vaardigheid, die iedere drummer zou moeten hebben. Hij vraagt iemand in het publiek (die een vraag stelde over tempovastheid) of hij een metronoom op zijn mobiel heeft. Daarop laat hij hem een tempo uitkiezen en noemen, maar nog niet afspelen. Vervolgens concentreert hij zich en zet een groove in. Als hij stopt speelt de vragensteller zijn metronoombeat af; en verdomd… spot on! En dat niet één keer, maar met meerdere en behoorlijk uiteenlopende trempo’s achter elkaar. Wonderbaarlijk. Volgens Lang gaat het erom dat je de feel van een tempo gaat herkennen; of er een song aan koppelt. Billy Jean is bijvoorbeeld 114bpm; als je die feel kent/herkent, dan heb je ’m.

Choptijger
Lang sluit af met een meespeeltrack waar hij er zo mogelijk nog een schepje bovenop doet; een nummer met veel ritmische grappen en accenten, en de grap is dan natuurlijk om alles mee te slaan.
Bij andere choptijgers wil zoiets nog wel eens dood op de schoen vallen, maar bij Thomas Lang blijf je je verbazen, en blijkt je mond toch nog steeds een stukje verder open te kunnen vallen.