North Sea Jazz per dagverslag - dag 1 - 10 juli 215
Drummers-bandleiders en de almachtige Chris Dave
Muzieknieuws 11-07-2015 08:56
North Sea Jazz is van start gegaan, vrijdag 10 juli 2015. Dit festival is elk jaar weer dé plek om te genieten van 's werelds beste drummers en percussionisten. Het Slagwerkkrant team is er elk jaar bij om verslag te doen en interviews te maken met bekende én aanstormende drummers. Hierbij het dagverslag van Dag 1. Met opvallend veel drummers-bandleiders en als slotstuk van de dag de almachtige Chris Dave bij D'Angelo. Door Dick de Waal en Erk Willemsen. Foto's Dennis Boxem.

Was het de dag van de drummer/bandleiders, deze eerste dag van North Sea Jazz 2015? Opvallend veel zagen we er vandaag. Otis Brown III, Tyshawn Sorey Trio, John Engels Kwintet en natuurlijk Han Bennink, artist in residence dit jaar, die vandaag een fascinerend trio presenteerde met trompettist Peter Evans en pianist/elektronicakunstenaar Oscar Jan Hoogland. Hij freestylde hard als altijd, in opvallende harmonie met zijn mede/tegenspelers. Aan het slot van het concert gooide hij de handdoek in de ring. 

 
Als je deze vier bandleider/drummers zo kort achter elkaar ziet spelen, hoor je de enorme verschillen in stijl - en dat gewoon binnen één jazz-idioom, extra goed. De klankenman Sorey, de hard swinger Engels, de recalcitrante Bennink en de staccato en druk spelende Brown III. 

Otis Brown III  
Over hoogtepunten van de dag mag je eigenlijk niet spreken. Ten eerste is de opbrengst hoog, ten tweede zijn het appels en peren. In ieder geval was het concert van Otis Brown III, die onlangs zijn debuutalbum The Thought of You uitbracht op Blue Note een revelatie. In de verkeerde zaal geprogrammeerd, met allemaal etende mensen als publiek (bah), die zo te zien eerder verwacht hadden een conservatief achtergrondmuziekje te krijgen dan de vitale, drukke, hypermoderne jazz van deze topdrummer, die eerder een keer of tien op het festival speelde als begeleider van Esperanza Spalding of Joe Lovano. Véél meer dan bij die artiesten pakte Brown uit in dit kwintet, voortdurend zijn solisten aanjagend, met staccato spel, gelardeerd met veel gedempte slagen en rimclicks en voortdurende groovewissels. Zijn solo's waren van een ongekende creativiteit. En ik kon er met m'n neus bovenop staan omdat verder weinig mensen durfden binnen te komen met zoveel dinertafeltjes opgesteld. Zo kon ik mooi dit iPhone-filmpje schieten!

   

Tyshawn Sorey
Van een heel ander allooi was de muziek van het Tyshawn Sorey Trio (hoofdfoto bovenin). Zijn muziek was ingekaderd in het thema Serial Killers, artiesten die zich hebben laten inspireren door de seriële muziek, composities op basis van kettingstructuren, met Debussy als pionier en navolging door Strawinsky (ritme), Schönberg (toonreeksen), Varèse/Ligetti (klankstapelingen), en Cage/Feldman (toeval en notatie). Feldman is dé inspirator van Sorey als componist. Zijn drumspel kenmerkt zich door klankverkenningen. Fascinerend om naar te luisteren, maar altijd pittig in de rumoerige atmosfeer van North Sea Jazz. 

John Engels
Eindeloos veel keren speelde hij Op North Sea Jazz. Bij de eerste editie in 1976 zelfs drie keer. Vandaar dat hij dit keer, op de 40ste editie van het festival, in het thema Founding Fathers optrad. Extra feestelijk omdat het ook nog eens prima past in zijn 80th Birthday Tour. Zijn eigen kwintet had Lew Tabackin als speciale gast dit keer. Geweldig om te zien hoe Engels die toch heel vaak ook in de kleinere zalen van North Sea heeft gestaan, nu in met eigen band de Hudson zaal, goed voor 2000 m/v, vulde.

Benelux-drummers
In de stortvloed van geweldige drummers uit het buitenland, is de neiging naar drummers uit Nederland en België te gaan kijken op North Sea Jazz minder groot. Die kun je het hele jaar door zien, per slot van rekening. Maar lopend langs alle zalen pak je gelukkig toch heel wat prachtige drummers en percussioniste mee die veel indruk maken. Zoals Salle de Jonge, die bij Shirma Rouse naadloos de funky grooves neerzette op zijn kwetsbaar ogende, maar uitstekend klinkende jaren zestig Pearl-kitje speelde. Of natuurlijk Eddy Addai bij Typhoon, wow! Koning, Keizer, Admiraal; Typhoon is het allemaal. Zonder twijfel is dit een van de meest sympathieke en vrolijke acts die Nederland ooit heeft voortgebracht. Addai heeft zich inmiddels gevestigd als drijvende kracht binnen dit Surinaamse powerhouse. Cool om te zien dat Addai zo weinig spullen nodig heeft om zijn oersolide groove te kunnen neerzetten. 
Marcos Baggiani bij Boi Akih Ql heel smaakvol. Tuur Moens bij Ntjam Rosie, al jaren het ijpunt voor de zangeres. En Tony Vitacolonna bij Ryan Truesdell & The Brussels Jazz Orchestra. Met een zeldzame discipline en vederlichte feel, werkt de Vlaming door de kleurrijke arrangementen van Gil Evans. Just one of those Things, How About You, Miles Ahead; de Hudson wordt getrakteerd op een dik uur schoonheid in bigbandvorm, waarbij de naam Miles voornamelijk centraal staat. In The Time of the Barracudas, een waanzinnige compositie van Davis en Evans uit 1959, laat Vitacolonna horen niet alleen een steady bandleider te zijn, maar eveneens een begenadigd solist. Interview volgt!

Daniel Dor
Bij contrabassist Avishai Cohen vinden we Daniel Dor, een relatief nieuwe naam uit Israël. De meeslepende stukken van Cohen kennen een hoog avontuurlijk gehalte en staan nu en dan in het teken van gewaagde minimale vamps, waarover Dor vervolgens zijn creatieve geest de vrije loop kan laten gaan. Dat levert soms heel spectaculair drumwerk op. We spraken de sympathieke en ietwat schuchtere drummer een paar uur voor zijn optreden. Binnenkort in Slagwerkkrant!

World
Als de zon is onder gegaan nemen de Kasaï Allstars bezit van het Mississippi podium. Als je niet beter wist zou je denken in een voodoo-ritueel te zijn beland, ware het niet dat het collectief ‘gewoon’ uit Congo afkomstig is. Wat een intens rauwe vocals en een briljante percussie. Dit soort acts moet je, zoals geadviseerd door een collega, echt van dichtbij bekijken. Je wordt er namelijk onherroepelijk in meegezogen. Dikke pluim voor Baila ’Edmond Tshilumba Nkelende, die de balafon (een xylofoon die wat wegheeft van een omgevallen tuinhekje) presenteerde aan de dansende massa.

Chris Dave
Hadden we het over hoogtepunten? Slotconcert van de dag was D'Angelo met zijn Vanguard band in de megagrote Nile-zaal. Soul in het kwadraat, funky as hell! En met een waanzinnige Chris Dave achter de drumkit. In ongelofelijk samenspel met bassist Pino Palladino zette hij een ongenaakbare groove neer, song na song. Niet te vermurwen door ook maar één zijpad, steeds maar die groove. Niet zomaar alledaags ritmetjes, maar compleet originele grooves die nauwelijks uit te leggen zijn. Waarom swingt dit nou zo genadeloos? Geen idee, maar 't doet het! Natuurlijk speelt hij strakker en eenduidiger dan in zijn eigen band, waar hij idioot tekeer gaat. Bij D'Angelo is hij de motor. Anderhalf uur lang. Prachtig! 

Boogie Ball in Bird
Na de festivalavond togen tal van festivalgangers, inclusief musici, naar Bird, de Rotterdamse club die de eerste twee avonden het Boogie Ball organiseerde als after party na de North Sea Jazz dag. De eerste avond draait Typhoon plaatjes in afwachting van de grote namen die de jamsessie gaan doen. Vooral de podiumzaal, een enorme pijpenla, was tot de nok toe gevuld met jazzadepten die allemaal een glimp hoopten op te vangen van Marcus Miller en Chris ‘Daddy’ Dave. Rond half drie ’s nachts was het dan zover en opende Miller, onder meer bijgestaan door percussionist Mino Cinelu, met  If You Want Me To Stay van Sly and the Family Stone. De tent wordt aardig op z’n kop gezet, mede door de drums van Niek de Bruijn, een van Nederlands' grootste talenten, en er wordt gespeeld tot in de kleine uurtjes. Wij verlaten de tent onder de klanken van Zawinul's Mercy Mercy Mercy. En zo is het. Op naar de tweede dag!